Ulric Neisser biografie, quotes en boeken

Ulric Neisser - Toolshero

Ulric Neisser (Ulric Richard Gustav Neisser; 8 december 1928 – 17 februari 2012) was een Duits-Amerikaanse psycholoog en professor aan Cornell University. Ulric Neisser was daarnaast lid van de Amerikaanse National Academy of Sciences.

Ulric Neisser wordt de vader van de cognitieve psychologie genoemd. Hij deed voornamelijk onderzoek naar perceptie en geheugen (information processing). Dit zijn tevens de onderwerpen van de meeste van zijn publicaties.

Ulric Neisser Biografie

Ulric Richard Gustav Neisser werd geboren in Kiel, Duitsland. Zijn vader heette Hans Neisser, een vooraanstaande Joodse econoom. Zijn moeder heette Charlotte, een van oorsprong katholieke vrouw met een graad in sociologie. Ulric had een oudere zus, Marianne. Ulric was een dik kind en kreeg al snel de bijnaam ‘Der kleine Dickie’. Later werd dit Dick.

Ulric Neisser voorzag dat Hitler verregaande plannen had met Duitsland en nam zijn familie mee naar Engeland. Enkele maanden later emigreerden ze naar de Verenigde Staten en vestigden ze zich in New York.

Terwijl hij opgroeide in de Verenigde Staten, deed Neisser er alles aan om zich aan te passen en te slagen in de maatschappij. Hij had in het bijzonder een interesse in honkbal, iets dat later in zijn leven terugkwam.

Hij stelde zelf dat honkbal een indirecte maar belangrijke rol heeft gespeeld in zijn interesse in psychologie. Zijn aantrekkingskracht tot de sport bracht hem later op het idee van een flitslampgeheugen, flashbulb memory.

Studententijd van Ulric Neisser

Ulric werd eind jaren veertig toegelaten tot Harvard University en studeerde daar in 1950 summa cum laude af in psychologie. Daarna behaalde hij zijn masteropleiding aan het Swarthmore College. Deze universiteit had de voorkeur van Ulric omdat Wolfgang Kohler daar lid van de faculteit was.

Later stelde Neisser dat hij altijd een zekere mate van sympathie had gevoeld voor underdogs. Wellicht heeft dat hem ertoe geleid dat hij naar deze underdogschool voor psychologie wilde.

In plaats van Wolfgang Kohler werkte hij aan Swarthmore samen met Henry Gleitman. Neisser promoveerde in 1956 in experimentele psychologie en publiceerde een proefschrift op het gebied van psychofysica.

Vervolgens werd hij instructeur aan Harvard en had hij contacten bij de Brandeis University, waar met name Abraham Maslow waardevol bleek voor de verruiming van zijn intellectuele horizon.

Tijdens zijn tijd op Harvard raakte Neisser ook bevriend met Oliver Selfridge. Selfridge was een jonge getalenteerde computerwetenschapper aan de Lincoln Laboratories van het Massachusetts Institute of Technology (MIT).

Selfridge was een voorstander van machine-intelligentie, iets dat niet vanzelfsprekend was in die tijd. Mensen hielden vast aan het bekende en de ‘echte wereld’. Selfridge en Neisser werkte samen aan de ontwikkeling van het pandemoniummodel voor patroonherkenning.

Wil je onbeperkte en advertentievrije toegang?   

Challenger ongeluk

In 1986, een dag na de ramp met het ruimteveer Challenger, liet professor Ulric Neisser zijn studenten opschrijven waar ze waren toen ze de hoorden over de explosie en wat ze erbij voelden. 2.5 jaar later vroeg hij de studenten om dezelfde informatie te delen.

Minder dan 1 op de 10 studenten had dezelfde informatie gedeeld als ervoor. Toch waren ze er allemaal vrij zeker van dat hun herinneringen juist waren, ondanks het inzien van de originele aantekeningen. Dit fenomeen staat ook wel bekend als het false memory syndrome en is onderzocht door Sigmund Freud en Pierre Janet.

Na een periode waarin hij lesgaf aan de Emory University en de University of Pennsylvania, vestigde Neisser zich uiteindelijk in Cornell, waar hij tot aan zijn pensioen bleef wonen en werken.

Ulric Neisser stierf aan de gevolgen van de ziekte van Parkinson op 17 februari 2012 in Ithaca, New York.

Bijdrage aan cognitieve psychologie

Neisser heeft belangrijke bijdragen geleverd aan het onderzoek naar perceptie en geheugen. Hij stelde dat interne mentale processen van een persoon in kaart kunnen worden gebracht, gemeten kunnen worden en geanalyseerd. In 1967 publiceerde Ulric Neisser Cognitive Psychology, waarvan later gezegd werd dat het een aanval was op gedragspsychologische paradigma’s.

Cognitieve psychologie bracht Neisser bekendheid en erkenning in zijn vakgebied. Daarnaast publiceerde hij Cognition and Reality, een ander onconventionele publicaties met radicale ideeën. Neisser stelde daarin bijvoorbeeld dat het geheugen grotendeels wordt gereconstrueerd. Geheugen is dus geen momentopname.

Er zijn overzichten waarin Neisser geldt als de 32e meest geciteerde psycholoog in de twintigste eeuw.

  Ontvang gratis ons Toolshero Top 30 modellenboek   

Ulric Neisser quotes

  1. “Attention is not a mysterious concentration of psychic energy; it is simply an allotment of analyzing mechanisms to a limited region of the field. To pay attention to a figure is to make certain analyses of, or certain constructions in, the corresponding part of the icon.”
  2. “To deal with the whole visual input at once, and make discriminations based on any combination of features in the field, would require too large a brain, or too much “previous experience” to be plausible.”
  3. “Paying attention is not just analyzing carefully; rather, it is a constructive act… What we build has only the dimensions we have given it.”
  4. “The fact that the span of apprehension averages only four or five… probably results from the high rate of encoding. In a tachistoscopic experiment the subject must read the fading icon as rapidly as possible.”
  5. “If we allow several figures to appear at once, the number of possible input configurations is so very large that a wholly parallel mechanism, giving a different output for each of them, is inconceivable.”
  6. “Cognitive processes surely exist, so it can hardly be unscientific to study them.”
  7. “The term “cognition” refers to all processes by which the sensory input is transformed, reduced, elaborated, stored, recovered, and used. It is concerned with these processes even when they operate in the absence of relevant stimulation, as in images and hallucinations. Such terms as sensation. perception. imagery. retention. recall. problem-solving. and thinking. among others. refer to hypothetical stages or aspects of cognition.”

Publicaties en boeken

  • 2000. Memory observed: Remembering in natural contexts. Macmillan.
  • 2000. Language-dependent recall of autobiographical memories. Journal of Experimental Psychology: General, 129(3), 361.
  • 1997. Rising scores on intelligence tests: Test scores are certainly going up all over the world, but whether intelligence itself has risen remains controversial. American scientist, 85(5), 440-447.
  • 1997. The conceptual self in context: culture experience self understanding (Vol. 7). Cambridge University Press.
  • 1996. Intelligence: knowns and unknowns. American psychologist, 51(2), 77.
  • 1996. Remembering the earthquake: Direct experience vs. hearing the news. Memory, 4(4), 337-358.
  • 1995. Criteria for an ecological self.
  • 1994. Self-narratives: True and false. The remembering self: Construction and accuracy in the self-narrative, 6, 1-18.
  • 1994. The remembering self: Construction and accuracy in the self-narrative (No. 6). Cambridge University Press.
  • 1994. Multiple systems: A new approach to cognitive theory. European Journal of Cognitive Psychology, 6(3), 225-241.
  • 1993. Childhood amnesia and the beginnings of memory for four early life events. Journal of Experimental Psychology: General, 122(2), 155.
  • 1993. The self perceived. Cambridge University Press.
  • 1992. Phantom flashbulbs: False recollections of hearing the news about Challenger.
  • 1989. Concepts and conceptual development: Ecological and intellectual factors in categorization (No. 1). CUP Archive.
  • 1987. From direct perception to conceptual structure. Concepts and conceptual development: Ecological and intellectual factors in categorization, 11-24.
  • 1984. Interpreting Harry Bahrick’s discovery: What confers immunity against forgetting?.
  • 1983. Point of view in personal memories. Cognitive psychology, 15(4), 467-482.
  • 1981. John Dean’s memory: A case study. Cognition, 9(1), 1-22.
  • 1976. Skills of divided attention. Cognition, 4(3), 215-230.
  • 1975. Selective looking: Attending to visually specified events. Cognitive psychology, 7(4), 480-494.
  • 1964. Visual search. Scientific American, 210(6), 94-103.
  • 1963. Decision-time without reaction-time: Experiments in visual scanning. The American journal of psychology, 76(3), 376-385.
  • 1963. The multiplicity of thought. British journal of psychology, 54(1), 1-14.
  • 1963. The Imitation of Man by Machine: The view that machines will think as man does reveals misunderstanding of the nature of human thought. Science, 139(3551), 193-197.
  • 1963. Searching for ten targets simultaneously. Perceptual and motor skills, 17(3), 955-961.
  • 1962. Hierarchies in concept attainment. Journal of Experimental Psychology, 64(6), 640.
  • 1960. Pattern recognition by machine. Scientific American, 203(2), 60-69.

Citatie voor dit artikel:
Janse, B. (2022). Ulric Neisser biografie, quotes en boeken. Retrieved [insert date] from Toolshero: https://www.toolshero.nl/bekende-auteurs/ulric-neisser/

Gepubliceerd op: 11/11/2022 | Laatste update: 11/11/2022

Wilt u linken naar dit artikel, dat kan!
<a href=”https://www.toolshero.nl/bekende-auteurs/ulric-neisser/”>Toolshero: Ulric Neisser biografie, quotes en boeken</a>

Interessant artikel?

Geef je waardering of deel het artikel via social media!

Gemiddelde beoordeling 4 / 5. Totaal aantal beoordelingen: 4

Dit artikel is nog niet beoordeeld! Wees de eerste met jouw beoordeling.

We vinden het jammer dat het artikel niet waardevol voor je was

Laat ons dit artikel verbeteren!

Vertel ons wat er beter kan aan het artikel? Wat mis je bijvoooebeeld of wat kan worden aangevuld?

Geef een antwoord